|
Bij het beantwoorden van deze
vraag spelen zowel morele als ethische zaken. Deze zou men dan allemaal in het
licht van het Woord (De Bijbel) moeten bekijken. Dit artikel zal in algemene zin
op deze vraag ingaan.
Bij het bestuderen van het
Woord (De Bijbel) dient men zich te realiseren, dat in het Woord (De Bijbel)
duidelijke aanwijzingen, zoals Gij zult niet doden, en minder duidelijke
aanwijzingen gegeven worden. Vragen die betrekking hebben op minder duidelijke
aanwijzingen, kan men vaak duidelijk krijgen door in het Woord (De Bijbel) naar
vergelijkbare situaties te zoeken. Uit de aard en de omschrijving van zulke
vergelijkbare situaties, krijgen wij dan niet zelden een antwoord. Een concreet
antwoord op de vraag over zaaddonorschap zal men in het Woord (De Bijbel) niet
vinden. Er staat nergens u mag wel of geen zaaddonor worden. Hier kunnen
vergelijkbare situaties, mogelijk licht op deze vraag werpen.
Uitgangspunt is: God schiep de
mens, man en vrouw schiep Hij de mensen: (Genesis 1:27-28)
-
God schiep de mens als zijn evenbeeld, als
evenbeeld van God schiep hij hem, mannelijk en vrouwelijk schiep hij de
mensen.
-
God zegende hen en zei tegen hen wees
vruchtbaar en word talrijk, ….
-
God heeft de mens geschapen en wij zijn Zijn
eigendom. Hij stelt de regels en niet de mens.
Zo heeft God gezegd, dat wij
niet zullen dood slaan. (Ex.20: 13)
Misschien bent u verbaast
wanneer deze regel naar voren gebracht wordt, maar het heeft alles te maken met
onze verantwoordelijkheid al christen, indien gesproken wordt over zaaddonor
zijn.
Het is heel begrijpelijk, dat
mensen en in het bijzonder vrouwen een kinderwens hebben. Hierbij doet zich
echter
de vraag voor:
Door God is in Zijn schepping
vastgelegd, op welke wijze de mens vruchtbaar en talrijk zou worden, namelijk:
De mens, Adam, had gemeenschap met Eva, zijn
vrouw, en zij werd zwanger en bracht Kaïn ter wereld. ‘Met de hulp van de
HEER,’ zei ze, ‘heb ik het leven
geschonken (4:1) Kaïn [...] het leven geschonken
In het Hebreeuws is er een woordspel tussen de naam
Kaïn en het werkwoord qana, ‘het leven schenken aan’.aan een man!
(Genesis 4:1)
Ondanks dit gegeven komt het
voor, dat de schoot van een vrouw gesloten blijft. Hiervan zijn vele voorbeelden
in het Woord (De Bijbel) te vinden. Denk hier bijvoorbeeld aan Abraham en Sara
of aan Hanna de moeder van Samuel. Gods bedoelingen en de gevolgen door
menselijk ingrijpen werden pas veel later duidelijk. In zulke gevallen, mogen
wij ons afvragen:
-
Kennen en doorgronden wij
mensen, Gods bedoelingen?
-
Vertrouwen wij op God of op
de mens (medische wetenschap)?
Moeten wij hier niet, zoals
Job, antwoorden:
Zie, ik ben te gering, hoe zal ik U bescheid
geven? Ik leg de hand op mijn mond. (Job 39:37)
Ik weet dat niets buiten Uw macht ligt en geen
enkel plan voor U onuitvoerbaar is. Wie was ik dat ik, door mijn onverstand,
uw besluit wilde toedekken? Werkelijk, ik sprak zonder enig begrip, over
wonderen, te groot voor mij om te bevatten. (Job: 42:2-3)
Uit genoemde gedeelten, die op
vele plaatsen worden herhaalt, kan men concluderen:
-
God is de schepper en heeft de mens een duidelijk
richtlijn meegegeven. Wat onze keus ook is, God heeft ons niet het recht
gegeven om zelf te beschikken over ons lichaam. Wij hebben ons lichaam van Hem
ontvangen en wij zijn Zijn eigendom.
-
God beslist over leven en dood en niet de mens
(medische wetenschap).
Er is dus
geen enkel draagvlak voor zaaddonatie in de Bijbel.
Daarnaast bestaan er ook
diverse ethische kanten aan het zaaddonorschap:
-
Het is algemeen gebruik, dat meerdere eitjes
bevrucht worden. Niet geplaatste eitjes worden vernietigd.
Kan men zich als donor
onttrekken aan de verantwoordelijkheid voor de vernietiging van dit leven?
-
Het is algemeen gebruik, dat meerdere bevruchte
eitjes in de moeder terug geplaatst worden. Wanneer meerdere van deze nieuwe
mensjes zich goed ontwikkelen, wordt niet zelden besloten een aantal te
doden (aborteren).
Kan men zich als donor
onttrekken aan de verantwoordelijkheid voor de dood van zulke nieuwe mensjes?
-
Bij een normaal zwangerschap blijkt tijdens een
vruchtwaterpunctie, dat het kind een afwijking heeft en men gaat over tot
abortus.
Kan men zich als donor
onttrekken aan de verantwoordelijkheid voor de dood van dit nieuwe mensje?
-
Zaadcellen worden beschikbaar gesteld
aan een lesbisch koppel.
Zou dit in overeenstemming
zijn met de wil van God?
-
Na normale zwangerschappen worden er kinderen
geboren.
Kan een donor zich onttrekken aan de volgende
verantwoordelijkheden?
a. Heeft het verwekte kind het recht om zijn/haar vader te leren kennen?
b. Hoe denkt een donor daar mee om te gaan? Etc
-
Veelal zijn zaaddonoren getrouwd en zijn de
zaadcellen niet bestemd voor de eigen partner, maar voor andere vrouwen.
De volgende vragen
dringen zich dan op:
a. Welke rol speelt de echtgenote in het besluit van de zaaddonor?
b. Wat zegt de echtgenote daarvan?
c. Indien een donor kinderen heeft, wat vinden zij daarvan?
Auteur: W. Boonstra |