|
Over het binnengaan in het koninkrijk der hemelen gaat het
ook in Matth. 28:19. Daar vinden we de opdracht van de Here Jezus om discipelen
te maken. In het slothoofdstuk van dit evangelie dat de Here Jezus als Koning
voorstelt, zie je Hem als de opgestane Koning. Voordat Hij naar de hemel
teruggaat, geeft Hij zijn discipelen een opdracht. Die opdracht krijgen ze,
nadat Hij Zich in zijn koninklijke majesteit heeft voorgesteld: ‘Mij is
gegeven alle macht in hemel en op aarde’ (Matth. 28:18). Dan klinken zijn
woorden: ‘Gaat dan heen, maakt alle volken tot discipelen, hen dopend tot de
naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest’ (Matth. 28:19).
Uit deze woorden blijkt dat de opdracht om uit te gaan en
discipelen te maken, niet beperkt is tot Israël. ‘Alle volken’ kunnen
onderdanen, volgelingen van deze Koning worden.
§
Hoe kan dat gebeuren?
Door gedoopt te worden. Door de doop worden volken
discipelen. Door de doop komen zij in het koninkrijk der hemelen. De doop is de
toegangspoort om in dat koninkrijk binnen te komen. Wie niet gedoopt is, staat
er buiten.
Ook hier zie je weer dat de doop te maken heeft met je
positie op aarde. Letterlijk staat er: discipelt alle volken door hen te
dopen. Dat benadrukt nog meer dat je alleen door je te laten dopen een discipel,
een leerling en volgeling van de Here Jezus kunt worden. Dan ben je in zijn
koninkrijk gekomen, sta je onder zijn gezag en kun je verder onderwijs ontvangen
over zijn geboden. Je ziet dus dat christen worden, dus je bekering en dopen en
de geboden van de Here bewaren niet te scheiden zijn. |