|
In deze korte studie willen wij de
belangrijke, ziel-onderzoekende
vraag overwegen: Ben ik een
echte gelovige? Om u te helpen
deze vraag te beantwoorden, kunt
u het beste de hiernavolgende
vragen overdenken. Denk over elke
vraag na op een eerlijke,
persoonlijke manier.
Neem de tijd om de Bijbelverzen op
te zoeken die bij elke vraag
worden opgegeven.
Vraag uzelf: Wie vertrouw ik nu
echt voor mijn eeuwig behoud?
·
Zie ik mezelf als een schuldige,
verloren zondaar die als
veroordeeld sta voor een heilige
en rechtvaardige God? (Romeinen
3:10-19, 23).
·
Erken ik dat mijn eigen hart
bedrieglijk en boos is en
ongeneeslijk ziek? (Jeremia
17:9; Markus 7:21-23).
·
Zie ik mezelf zo dat ik de dood
en de hel verdien? (Romeinen
6:23).
·
Realiseer ik mij dat indien God
mij zou geven wat ik verdien, en
me betaald zou zetten voor de
manier waarop ik heb geleefd, ik
dan geheel vernietigd zou
worden? (Psalm 130:3; vergelijk
Psalm 103:10).
·
Erken ik dat er absoluut niets
is wat ik kan doen om mezelf te
redden? (Titus 3:5).
·
Begrijp ik dat mijn best
proberen te doen met goede
werken, mij nooit de toegang tot
de hemel zal verlenen of doen
verdienen? (Efeziërs 2:8-9).
·
Realiseer ik mij dat mijn kerk
of mijn religieus systeem mijn
ziel niet kan redden? (Jeremia
17:5).
·
Ben ik ervan overtuigd dat mijn
eigen rechtvaardigheid en mijn
eigen goedheid ver tekort
schieten aan de rechtvaardigheid
die God als vereiste stelt?
(Romeinen 3:10-12; 1 Korinthiërs
6:9-10).
·
Geloof ik dat Jezus Christus
Gods enige oplossing is voor
mijn zondeprobleem? (Handelingen
4:12).
·
Geloof ik dat Jezus Christus de
enige weg naar God ? (Johannes
14:6).
·
Geloof ik dat Jezus Christus de
enige Deur naar de redding is ?
(Johannes 10:9).
·
Geloof ik dat Jezus Christus de
enige Verlosser (Redder,
Zaligmaker) van zondaars is ? (Mattheüs
1:21).
·
Geloof ik dat Jezus Christus en
de Enige is die mij eeuwig leven
kan schenken ? (Johannes 10:28;
17:3)
·
Begrijp ik dat Jezus Christus de
eeuwige God is (Johannes 1:1-3)
die in deze wereld kwam en een
mens werd om mij te redden?
(Johannes 1:14; 1 Timotheüs
1:15; Johannes 3:17).
·
Ben ik ervan overtuigd dat Hij
mij zelfs liefhad toen ik nog
een zondaar was (Romeinen 5:8;
Johannes 3:16) en dat Hij stierf
en uit de dood opstond om mijn
ziel te redden ? (Romeinen 4:25)
·
Ben ik ervan overtuigd dat de
Heer Jezus stierf op het kruis
voor mijn zonden en dat Hij in
mijn plaats stierf als mijn
volmaakte Plaatsvervanger,
stervend in mijn plaats en de
volle straf dragend voor mijn
zonden? (Jesaja 53:6; 1 Petrus
3:18; 2 Korinthiërs 5:21).
·
Vertrouw ik op Hem, en alleen op
Hem, om mij te redden?
(Handelingen 16:31).
·
Ben ik tot Hem gekomen met een
eenvoudig geloof, zoals dat van
een kind ? (Johannes 6:35,37;
Mattheüs 11:28).
·
Heb ik, door geloof, persoonlijk
de Heer Jezus Christus ontvangen
als mijn Redder? (Johannes
1:12).
·
Rust ik helemaal op wie Hij is
(Johannes 8:24), op wat Hij
heeft gedaan (1 Korinthiërs
15:3-4) en op wat Hij heeft
gezegd ? (Johannes 6:47)
·
Geloof ik dat Hij in staat is om
allen volkomen te redden die tot
God komen door Hem, inbegrepen
mijzelf? (Hebreeën 7:25).
·
Geloof ik de verklaring van
Christus, zoals gevonden in
Johannes 5:24?
·
Is Johannes 3:16 ook waar voor
mij?
·
Heb ik ooit aan anderen verteld
dat Jezus Christus mijn Redder
is? (Romeinen 10:9-10; Mattheüs
10:32).
Ben ik in staat om vanuit mijn
hart te zeggen: “Mijn hoop is
gebouwd op niets minder dan Jezus’
bloed en Zijn gerechtigheid. Het
zoetste plan durf ik niet te
vertrouwen, maar steun volledig op
Jezus’ Naam. Op Christus, de vaste
Rots, sta ik - elke andere grond
is zinkend zand!”
? (Edward Mote).
Indien mijn antwoord in enige mate
naar MIJZELF zou wijzen (mijn
eigen verdiensten, mijn eigen
werk, mijn eigen religieuze daden,
enz.), dan sta ik niet op vaste
grond. Hierna enkele voorbeelden
van zulke mensen die hun
vertrouwen stellen op iets van
ZICHZELF:
·
God zou me moeten
binnenlaten in Zij heilige
hemel, want in mijn leven heb ik
meer goed gedaan dan kwaad.
·
God zou me moeten
binnenlaten in Zij heilige
hemel, want ik probeer de Tien
Geboden te houden.
·
God zou me moeten
binnenlaten in Zij heilige
hemel, want ik ben een lid van
een christelijke kerk, enz.
Al
zulke antwoorden wijzen naar MIJ,
maar redding is niet uit MIJ;
redding is uit de HEER!
Er is maar één reden waarom ik in
Gods heilige hemel mag
binnenkomen. Het juiste antwoord
is daarom dit: Ik zal Gods heilige
hemel binnengaan op grond van
slechts één geldige reden:
·
Jezus Christus is mijn Redder,
mijn Zaligmaker. Los van Zijn
werk op het kruis kan ik niet
gered worden;
·
Los van Zijn leven, dat Hij mij
gegeven heeft als een vrije
gave, kan ik nooit Zijn heilige
hemel binnengaan;
·
Hij is mijn enige hoop;
·
Hij is de volmaakte
gerechtigheid die ik nodig heb;
·
Dank u Heer voor het redden en
helen van mijn ziel.
Merk op hoe dit antwoord weg
wijst van MIJZELF en duidelijk
wijst naar de REDDER, en naar
Hem alleen!
Nu u uw relatie met God overdenkt
is het ook goed het volgende te
beschouwen:
Hoe groter verlies!
Er was eens een jonge bedienaar
die een oude christelijke vrouw
bezocht, wiens gezondheidstoestand
duidelijk maakte dat zij spoedig
het aardse toneel zou verlaten. De
bedienaar, die nogal wat twijfels
had over de volkomen
betrouwbaarheid van de Schrift,
zei tot haar: “Veronderstel gewoon
dat na al uw bidden, en ondanks uw
geloof, uw ziel toch zou verloren
gaan! Wat dan?” Op deze tactloze
opmerking antwoordde de oude
vrouw: “Beste man, als dat het
geval zou zijn, zou God het
grootste verlies leiden. Ik kan
enkel mijn ziel verliezen, maar
God zou Zijn eer verliezen. Als
God niet trouw zou zijn aan Zijn
Woord, zou Hij ophouden God te
zijn. De Heer Jezus beloofde: ‘Wie
tot Mij komt zal ik geenszins
afwijzen’. Ik leg mijn ziel te
ruste in Zijn nooit falende
Woord”.
E. S. English.
Zeker op de Rots!
Een oude vrouw van Wales lag op sterven en werd bezocht door haar pastor.
Hij zei tot haar: “Zuster, bent u
aan het wegzinken?” Zij gunde hem
geen enkel woord maar keek hem aan
met een ongelovig gezicht. Hij
herhaalde zijn vraag: “Zuster,
bent u aan het wegzinken?” Zij
keek hem opnieuw aan alsof ze niet
kon geloven dat hij zo’n vraag
stelde. Tenslotte richtte zij zich
een beetje op en zei: “Wegzinken!
Wegzinken! Hebt u ooit een zondaar
zien wegzinken in een rots? Als ik
op het zand zou staan, dan zou ik
kunnen wegzinken; maar, God zij
dank, ik sta op de Eeuwige Rots en
daar is geen wegzinken aan”.
C. H. Spurgeon
“Een verstandig man, die
zijn huis op de rots gebouwd heeft
… het stortte niet in, want het
was op de rots gefundeerd”
(Matt. 7:24-25).
Er bestaat een oud gezegde van
Samuel Rutherford: “Geloof meer in
Gods liefde en kracht dan u
gelooft in uw eigen gevoelens en
ervaringen. Uw rots is Christus,
en het is niet de rots die beweegt
met eb en vloed, maar wel uw zee
van gevoelens”.
Als we bouwen op het zekere Woord
en het volbrachte werk van
Christus, en niet zozeer op onze
wispelturige gevoelens, zullen wij
de gezegende verzekering en het
gevoel van veiligheid bezitten dat
wij nodig hebben. Laat dan maar
komen de regens van droefheid, de
vloeden van tegenspoed, en de
winden van twijfel en
moeilijkheden; ze zullen niet in
staat zijn het huis van onze
redding te verwoesten. Ons
geestelijk leven is eeuwig zeker,
gefundeerd op de Rots van
Christus’ beloften (Johannes
10:28-29) in Zijn onveranderlijk
Woord (Efeziërs 1:3-11).
Bron:
http://www.middletownbiblechurch.org/
Oorspronkelijke titel: ‘Ben
ik een Echte Gelovige?’
Vertaling en voetnoten door Marc
Verhoeven.
Tenzij anders aangegeven zijn Bijbelteksten
in deze uitgave ontleend aan de
Statenvertaling 1977, ©
Nederlands Bijbelgenootschap 1977.
Wij
hebben gekozen voor een vertaling
die zo dicht mogelijk bij de
grondteksten ligt. Voor het
verstaan van de schrift adviseren
wij een ieder om tevens andere
vertaling te gebruiken.
Redactie voor de Bijbel is Waar :
Willem Boonstra
Deze studie is met toestemming
overgenomen en valt niet onder de
copyright regeling van
www.debijbeliswaar.nl. Toestemming
voor gehele of gedeeltelijke
overname moet verkregen worden via
Marc Verhoeven (verhoevenmarc@skynet.be)
|