In Mattheüs
19:3-6 brengt de ooggetuige en biograaf verslag uit van een discussie van
Jezus met de Farizeeën:
“En de Farizeeën kwamen naar Hem toe om Hem te
verzoeken en zeiden tegen Hem: Is het een man toegestaan zijn vrouw om
allerlei redenen te verstoten? 4 Maar Hij antwoordde en zei tegen hen: Hebt
u niet gelezen dat Hij Die de mens gemaakt heeft, hen van het begin af
mannelijk en vrouwelijk gemaakt heeft, 5 en gezegd heeft: Daarom zal een man
zijn vader en moeder verlaten en zich aan zijn vrouw hechten, en die twee
zullen tot één vlees zijn, 6 zodat zij niet meer twee zijn, maar één vlees?
Dus, wat God samengevoegd heeft, laat de mens dat niet scheiden”
Het
onderwerp waarmee de Farizeeën Jezus wilden verzoeken was huwelijk en
echtscheiding. De vraag was eerder dwaas en niet goed overdacht. Maar Jezus’
antwoord zegt ons veel over Zijn kijk op het boek Genesis.
Eerst wijst
Jezus de Farizeeën op Genesis alsof alleen dit boek voorziet in het
gezaghebbend antwoord op hun listige vraag.
Daarna citeert Jezus Genesis 1:27 alsof dit vers letterlijk bedoelt wat het
zegt:
“En
God schiep de mens naar Zijn beeld; naar het beeld van God schiep Hij hem;
man en vrouw schiep Hij ze”.
Dan citeert Jezus Genesis 2:24 alsof dit vers letterlijk bedoelt wat het
zegt:
“Daarom
zal de man zijn vader en zijn moeder verlaten, en zijn vrouw aankleven; en
zij zullen tot een vlees zijn
…”
Er was geen
dubbelzinnigheid van Jezus’ kant, en er is geen aanwijzing dat Hij heimelijk
geloofde dat het openingsverhaal van Genesis slechts een mensgemaakte,
poëtische mythe was, of dat het iets minder was dan historische waarheid. In
feite maakt Jezus’ finale uitspraak over deze kwestie erg duidelijk dat
Jezus letterlijk geloofde dat God Degene is die een man en een vrouw
samenbracht en hen tot één vlees maakte. Dit alles wordt toegewezen aan
Jezus’ persoonlijke kennis dat Adam en Eva letterlijk en historisch de
eerste twee mensen waren die Jezus heeft geschapen (Zie Kol. 1:16: “Want
door Hem [=Jezus] zijn alle dingen geschapen die in de hemelen en die op de
aarde zijn”.)
Auteur: Ken Silva,
01-08-2009,
http://apprising.org Vertaling en voetnoten
door Marc Verhoeven.
Alle
Schriftaanhalingen komen uit de Statenvertaling (1977)
Dit artikel is met toestemming
overgenomen en valt niet onder de
copyright regeling van www.debijbeliswaar.nl.
Toestemming voor gehele of
gedeeltelijke overname moet
verkregen worden via Marc
Verhoeven (verhoevenmarc@skynet.be)